

Een nieuw leven voor brokstukken
door: Maria Delgrosso
Slapeloze nachten. Daar houdt Hanne Friederichs uit Groningen
juist van. Het betekent dat er in haar restauratieatelier in Leek
weer een uitdaging klaar ligt: een vaas in veertig stukjes, een
wandbord met een scheur of een beeldje waarvan een arm of been
mist. Als de brokstukken maar van aardewerk of porselein zijn,
dan weet Friederichs er wel raad mee. Werk van haar hand dat het
atelier De Koppele verlaat, is onzichtbaar gerestaureerd.
<> Een siervoorwerp dat aan diggels ligt en soms grote
waarde heeft, kan hersteld worden. Het gaat bovendien lang niet
altijd om grote bedragen. Soms is de emotionele waarde van een
stuk aardewerk of porselein zo groot dat eigenaren er heel veel
voor over hebben om het in oude staat terug te krijgen. Een vrouw
stapt het atelier binnen met een gehavend kopje en potje met kapot
deksel van haar moeder. Bijzonder zijn de stukken niet, laat
Friederichs weten, dus adviseert ze de klant nog eens goed na
te denken over de bijbehorende kosten. Later op de dag gaat de
telefoon: kopje en deksel moeten toch maar gerestaureerd worden,
want voor de moeder hebben ze grote waarde. <>
Opdrachten krijgt Friederichs voor 10 procent van particulieren.
De rest komt van antiquairs, musea, verhuisbedrijven en
verzekeringsmaatschappijen. Veel klanten van haar zitten vooral
in het westen van het land. De vrijdag staat dan ook vaak
gereserveerd voor een dagje Gouda, Haarlem, Amsterdam en Utrecht
om met een auto vol gebroken voorwerpen terug te keren van musea en
antiquairs. De andere dagen is de restaurateur van zeven tot
half vijf op het bedrijventerrein in Leek te vinden.
<> Een half jaar is De Koppele nu in Leek gevestigd.
De liefde bracht Friederichs naar het Noorden waar ze zich nog wel
een beetje een "asielzoeker in eigen land" voelt. Maar tussen
de brokstukken voelt ze zich thuis. "Dit is mijn lust en mijn
leven. Hier kan ik mezelf helemaal in vinden." <> Dat ze
ooit ambtenaar sportzaken in Nijmegen was, klinkt
ongeloofwaardig, maar toch begon ze met Schoevers als
administratieve opleiding. Privé-omstandigheden dwongen haar
negentien jaar geleden tot een andere keus. De wens om te
tekenen en te schilderen kwam weer boven en via het arbeidsbureau
kwam Friederichs op de restauratieopleiding in Aalten terecht.
Later volgden nog cursussen in Florence, België en Engeland.
<> Florence staat binnenkort weer op de agenda. Daar wil de
restaurateur zich verder specialiseren in glas. "Ik werk nu ook
al met glas, maar wil meer weten over nieuwe materialen en
technieken." Deze ontwikkelingen maken het vak juist zo
boeiend, vindt Friederichs. "Het is zo leuk dat er elke keer
weer iets nieuws wordt bedacht.” <> Door op de hoogte te
blijven, hebben aardewerk en porselein al geen geheimen meer voor de
onderneemster. Ook ander steengoed, kleine houten voorwerpen,
tin en schilderijlijsten kunnen bij haar een nieuw leven
krijgen. Gips ligt anders omdat dit materiaal moeilijker in
badjes schoon te krijgen is. "Ik heb nu ook een kerstgroep
staan van gips, maar daar is al zo aan gerommeld. Het is
opnieuw geverfd en gelijmd, daar begin ik niet meer aan."
Friederichs komt vaak tegen dat eigenaren zelf al aan hun
voorwerpen hebben zitten prutsen. "Dan zijn ze bijvoorbeeld een
knopje van een deksel kwijt en zetten er een heel ander knopje
op." De oude lijmresten moeten eraf en het voorwerp moet
helemaal schoongemaakt worden. <> Daarna slaat de
maakster pas aan het lijmen, met verschillende soorten lijm voor
aardewerk en porselein. Breuklijnen worden opgevuld met epoxy
en vervolgens geschuurd met speciale schuursponsjes. Vaak moet
er kleur bijgemaakt worden en worden de naden met airbrush
weggespoten. Ook moeten decoraties wel eens opnieuw aangebracht
of aangevuld worden. Die krijgen uiteindelijk nog een laag van
imitatieglazuur oor de in de oven gaan. <> De
moeilijkste opdracht betrof twee vazen van een antiquair, die naar
Japan moesten. "Het was al donker toen ik de klus aannam en
zoals gewoonlijk legde ik ze eerst een nacht in de lijmoplosser.
Pas de volgende dag zag ik hoe alles erbij lag. Alsof er een
locomotief overheen gereden was. De twee vazen lagen ook
helemaal door elkaar, maar het is me uiteindelijk gelukt."
<> Veilinghuizen hebben al eens De Koppele geïnformeerd hoe
een gerestaureerd stuk te herkennen is, maar dit is steeds
moeilijker. "Ik kan het voelen", zegt Friederichs die schat dat
70 procent van het aanbod bij antiquairs een opknapbeurt heeft
ondergaan. En mopshond Olleke kan het misschien wel ruiken. De
waakhond en mascotte van Friederichs ligt de hele dag in het atelier
in de lijmlucht en past er prima bij, stelt het baasje.
"De mops komt oorspronkelijk uit China en staat wel afgebeeld op
oude Chinese vazen." <> Aan één stuk met een voorwerp
bezig zijn, is in het restauratievak niet mogelijk. De
restaurateur werkt dan ook meestal aan tien tot twaalf voorwerpen
tegelijk. De kosten hangen altijd af van het werk dat moet
gebeuren, maar beginnen bij €30,-. Uitzonderingen maakt
Friederichs ook wel eens. <> Zoals voor de twee
jongetjes die bij haar binnenstapten, nadat ze thuis een
Makkumer bord van de muur hadden geschopt met voetballen. Het
was woensdag en hun ouders zouden zaterdag terug komen van
vakantie. De 'Brokkenmaakster' schoot het tweetal te hulp in
ruil voor het wassen van de auto en wat klusjes in de tuin. Tot
op heden hebben hun ouders er nog niets van
gemerkt.
|